Una tarra ci hè
13 L'Ombra murtulaghju
D'asprura s'hè fattu lu raghju
di a tarra hè biancu lu sulaghju
l'ore si so triste è pisive
un ombra corre trà e campive.
Cutteghja l'anima svanita
si lenta à suspiri a vita
sbuleca machja è sipalaghju
vene à chjamà u so fuculaghju.
Nascenu ughjulu è abbaghju
in e chjose negre pagne
ruspa è rumena e campagne
si insanguineghja lu caghju.
A notte stende lu so imperu
sgotta à bughjoni l'ultimu seru
fala u vadu fuma u pagliaghju
è l'ombra scompie lu so viaghju.
Cantanu in celu e più pietose
cantanu in pienti, voce angusciose,
di u ventu s'apre u cataraghju
à u passu di u murtulaghju ...
13 De schaduw van de zwervende ziel
De wind is bijtend fel geworden
de vloer van de aarde is wit
de uren zijn droef en peinzend
een schaduw dwaalt tussen de velden
Hij zoekt de verloren ziel
hij beklaagt al zuchtend zijn leven
Hij stroopt maquis en braambos af
hij komt om zijn levensvuur te roepen
Men hoort gejank en geblaf
in de diepduistere binnentuinen
woelt hij in de grond en hij graast het land af
uit een wond komt wat bloed
De nacht strekt haar rijk uit
in diepe duisternis sprenkelt ze het laatste wondvocht
een rivier stroomt, een hooiberg stoomt
en de schaduw voltooit zijn reis.
In de hemel zingt men het vroomste lied
ze zingen in klaagzangen, stemmen vol angst
De poorten van de wind gaan open
voor de voetstappen van de zwervende ziel
Vertaling MV